>

Interview met supply chain coordinator bij Dole in Rotterdam

27 juli 2021

Vertalen

Translate

Use Google to translate this website. We take no responsibility for the accuracy of the translation.

Rotterdam is één van de belangrijkste logistieke hubs ter wereld. Hier zijn professionals uit alle windstreken bezig met het regelen van de import en export van goederen die de hele wereld overgaan. Maar dat lukt alleen als alle schakels in de keten – van productie tot distributie – goed functioneren. Tegenslagen of onvoorspelbaarheden kunnen leiden tot (tijdelijk) lege schappen en grote verliezen, zeker op voedselgebied. Nederland Voedselland sprak hierover met Stella Müller, Supply Chain Coordinator bij Dole en werkzaam in het hart van de agrologistiek.

Toen ze voor het eerst naar Rotterdam kwam, was het de bedoeling maar een semester te blijven. Als ‘toegangspoort van Europa’ huisvest Rotterdam één van de belangrijkste havens ter wereld. Geen wonder dat de studente Supply Chain Management uit Dresden zich hier graag in onderdompelde. Inmiddels zijn we vier jaar verder, en kan Stella zich rekenen als insider: ze is al 9 maanden aan de slag als Supply Chain Coordinator bij Dole. Wij vroegen naar haar ervaring in het soms hectische systeem van de agrologistiek, de invloed van de coronacrisis op haar werk, en naar haar ambities en de veranderingen die de sector te wachten staan.

Hoe kwam je bij Dole terecht?

‘Toen ik in het najaar van 2020 een baan ging zoeken, wilde ik sowieso iets doen met duurzaamheid. Tijdens het schrijven van mijn scriptie deed ik het inzicht op dat als we voedselverspilling aan willen pakken, de héle supply chain samen moet werken. Ik wil met mijn werk bijdragen aan duurzaamheid, door efficiënt te werk te gaan zodat er niks verloren gaat, en te zorgen dat er meer aandacht komt door gezonde voeding door het toegankelijker te maken voor iedereen. Dole heeft de missie om goede voeding zo toegankelijk mogelijk te maken, en ook voedselverspilling is een belangrijk speerpunt, dus dat matchte wel goed.’
 

En wat doe je als Supply Chain Coordinator allemaal?

‘De supply chain is de fysieke stroom van goederen, van boer tot supermarktschap. Door korte lijntjes met onze producenten, veelal in Azië, weten we precies wanneer producten geproduceerd en verscheept worden. Tot aan onze distributiecentra in Europa kan ik alles precies volgen. Mijn belangrijkste taak is om te zorgen dat onze klanten en distributiecentra altijd voldoende voorraad hebben, zodat ons aanbod altijd aan vraag kan voldoen.’

‘Veel mensen kennen Dole van de blikjes gesneden ananas of van bananen, maar ons portfolio bevat tal van andere producten. Ik ben verantwoordelijk voor de categorie gezonde snacks,  gemaksproducten,  de bakjes gesneden ananas of  perzik die je wel eens op stations ziet, bijvoorbeeld. Het is best een uitdagende categorie, omdat de meeste producten van ver moeten komen. Het vereist een gestroomlijnd systeem; als er een kink in de logistieke kabel komt, zorgt dat voor verlies of verspilling. Overzicht houden is heel belangrijk in de agrologistiek, net als plannen en het voorspellen van en anticiperen op bepaalde factoren. Maar als we allemaal samenwerken komen we tot goede oplossingen.’
 

Met welke krachten in de supply chain moet je dan allemaal rekening houden?

‘Je moet continu zorgen dat vraag en aanbod op elkaar aansluiten. Dan moet je dus weten of er ergens tekorten zijn in een distributiecentrum, of er genoeg back-up is, of de productielocatie de vraag aankan, en of er wel containers beschikbaar zijn om het te verschepen. Het is mijn verantwoordelijkheid om te zorgen dat de nieuwe scheepsladingen er op tijd zijn. Elke week plaats ik de bestellingen en controleer ik bij onze producenten of dat allemaal op elkaar aansluit. Als er ergens overschotten zijn, of producten dreigen tegen de datum aan te lopen, dan kan ik het salesteam inschakelen. Samen kunnen we dan kijken naar een oplossing, als ik het snel genoeg signaleer. In het beste geval heb je én geen lege schappen én je gaat heel wat verspilling tegen! Dat is het leukste moment van mijn werk.’
 

Kun je wat meer vertellen over het tegengaan van verspilling? 

‘Het begint al bij de verwerking van de gehele ananas, bijvoorbeeld. Van de harde pit tot het vruchtvlees tot de schil. Alles wordt gebruikt. We werken in een aantal landen al samen met netwerken die onze overschotten distribueren onder mensen zonder betrouwbare toegang tot voedsel. Zo hebben we veel gedoneerd aan Fareshare in de UK en aan de Voedselbank in Frankrijk. Als we lokaal kunnen samenwerken met dit soort initiatieven, is het een stuk makkelijker om te doneren en scheelt het transport. Dan komen onze overschotten goed terecht. Tot nu toe werken dit soort samenwerkingen heel goed. Het is mooi om te weten dat onze producten niet worden weggegooid, maar veel kunnen betekenen voor iemand. Honger tegengaan en tegelijkertijd verspilling voorkomen – ik denk dat dat een mooie ambitie is.’
 

Het klinkt alsof je het overzicht best goed houdt, maar het lijkt me ook soms hectisch. Wat zijn de uitdagingen die je tegenkomt?

‘Ik denk dat veel consumenten niet doorhebben hoe onvoorspelbaar de keten is. Een ananas groeit in 18 maanden bijvoorbeeld en daarna moet deze nog verpakt  en verscheept worden. Als je dan ineens een week onverwacht veel meer verkoopt, dan moet je daar tijdig op anticiperen. Je hebt niet altijd op tijd door waar een probleem ontstaat. Zeker met COVID-19 en Brexit vorig jaar moesten we rekening houden met een gigantische ontregeling van de agrologistiek. En tegelijkertijd steeg de vraag naar ingeblikt fruit en fruit in bakjes, daar zag je ineens een piek. Je wil aan die vraag kunnen voldoen, maar dat is niet altijd eenvoudig.’
 

Wat maakt het zo lastig? Wat merk je, in de nasleep van de coronacrisis, qua onzekerheden in de keten?

‘Ik denk dat continu aanvullen van het aanbod nu de grootste uitdaging is geworden. We wisten door de COVID-19 situatie gewoon niet waar vertragingen zouden zitten. Containers reserveren op schepen is soms bijna niet te doen – ze zitten helemaal vol door de toename in vraag en een verkleining van het aanbod. Dat voert de zeevrachtkosten ook op. Soms ligt het product al klaar en kan het niet mee. Dat kun je als individueel bedrijf niet beïnvloeden; soms ben je afhankelijk van zulke schommelingen, of kunnen schepen vast komen te liggen [zoals bijvoorbeeld gebeurde bij het vrachtschip EverGiven in het Suez-kanaal, Red.].’
 

Hoe zie je de toekomst voor je?

‘De hectiek die we nu zien in de agrologistiek zal heus niet altijd blijven, maar het kan wel dat de vrachtkosten in de toekomst op dit hoge niveau blijven of zelfs hoger worden. In de nasleep van COVID-19 zie je beperkingen in de mogelijkheden van wat de logistiek aankan, en de toename in zeevracht houdt waarschijnlijk nog wel even aan. Dat is erg lastig als je juist wil dat producten toegankelijker worden! Dole wil dat iedereen makkelijk fruit kan kopen. En dat dilemma is niet van Dole alleen, maar van veel bedrijven die gebruik maken van zeevracht.'