Rotterdam wil emissievrije stadslogistiek

Vertalen

Translate

Use Google to translate this website. We take no responsibility for the accuracy of the translation.

Rotterdam groeit. Dat is goed voor de economie, maar zorgt ook voor steeds meer druk op de luchtkwaliteit. De gemeente wil dan ook naar volledig emissievrije stadslogistiek en geeft zelf het goede voorbeeld. Bijvoorbeeld door bewuste inkoop.

Om Rotterdam schoon, veilig en leefbaar te houden, heeft de gemeente heel wat goederen en diensten nodig: van verlichting tot
bedrijfskledingen van slijptol tot schoonmaak. Bij de inkoop hiervan besteedt de gemeente steeds meer aandacht aan duurzaamheidsaspecten. Een voorbeeld is duurzaam transport van ingekochte goederen en diensten: de gemeente streeft actief naar het verminderen en verschonen van ‘vervoerskilometers’.

Convenant
‘Deze doelstelling sluit goed aan bij het convenant Green Deal 010 Zero Emission Stadslogistiek’, vertelt Lon Dijk, Strategisch Adviseur Inkopen. ‘Met dit netwerkplatform proberen we het regionale bedrijfsleven in de stad te stimuleren om binnen de stad niets uit te stoten. Natuurlijk moeten we hierbij zelf het goede voorbeeld geven. Daarom rijden we als gemeente waar mogelijk met elektrische wagens en vragen we ook een inspanning van onze leveranciers. In een aanbesteding voor gereedschappen hebben we emissievrij transport voor het eerst als voorwaarde gesteld.’

Duwtje in de rug
De opdracht werd dit jaar onder meer gegund aan Magema, een allround leverancier van machnies en gereedschappen uit Ter Aar met een vestiging in Rotterdam. De aanbesteding van de gemeente kwam volgens bedrijfsleider Paul Stoop precies op het goede moment. ‘Met bijvoorbeeld zonnepanelen en herbruikbare verpakkingen houden we ons al langer bezig met duurzaamheid. De aanschaf van een elektrische bus was dit jaar een volgende stap. En de vraag van Rotterdam naar emissievrij transport precies het duwtje in de rug dat we nodig hadden!’

Pionieren
De zoektocht naar een geschikte bus was best nog een beetje pionieren, vertelt Stoop. ‘Er is nog relatief weinig aanbod. Veel fabrikanten zeggen dat ze eraan werken, maar vooralsnog is er weinig praktijkervaring. We hebben vooral gekeken naar de benodigde capaciteit en actieradius: een Nissan e-NV200 bleek al snel de beste optie. We hebben hiermee begin dit jaar in een keer onze CO2-voetafdruk naar vrijwel nul gebracht. Alleen voor het
transport van bijvoorbeeld grote stellingen gebruiken we nog wel eens ander vervoer.’

Geen voorraad aanhouden
Het elektrisch rijden past dan ook bij uitstek bij Magema’s activiteiten in Rotterdam, volgens Stoop. ‘Het gaat vaak om korte stukjes naar klanten die snel beleverd willen worden. In de haven bijvoorbeeld moet je wel snel zijn, anders is een schip weer weggevaren.’ De gemeente heeft vooral een snelle rotatie, legt hij uit. De afdeling Stadsontwikkeling gebruikt bijvoorbeeld veel hoveniersgereedschappen als schoppen en spades; die moeten regelmatig vervangen worden. ‘Gemiddeld rijden we vier of vijf keer in de week een rondje door Rotterdam. Door die hoge frequentie hoeft de gemeente zelf weinig voorraad aan te houden.’

Even snel bijladen
Door bestellingen voor verschillende klanten te combineren, kan Magema in Rotterdam vrijwel dagelijks met een goed gevulde bus rijden. Dat maakt het mogelijk bijna alles met eigen vervoer doen. Een extra voordeel hiervan is dat je bij de bezorging nog even klantcontact hebt, weet Stoop. ‘In de tijd dat de chauffeur een praatje maakt met de ontvanger, kan de bus mooi nog even aan de snellader, als een klant die heeft. Dat geeft net weer een grotere actieradius; hier wordt onze chauffeur steeds slimmer in.’

Focussen op mogelijkheden
Voor de bezorging met elektrisch vervoer rekent Magema geen ander tarief. ‘Een deel van de investering verdienen we al terug door het contract met de gemeente Rotterdam’, vertelt Stoop. ‘Maar tegelijkertijd dragen we ook bij aan onze eigen duurzame doelstellingen. Deze elektrische bus zien we pas als het begin. De verwachting is dat het aanbod van elektrische bussen snel zal toenemen, en daarmee ook hun actieradius en capaciteit. Op dat moment hopen we dat elektrisch transport ook mogelijk wordt in andere regio’s en voor andere typen klanten.’

Durven vertrouwen
De blik op de toekomst maar k realistisch kijken naar de huidige mogelijkheden, daar kan Lon Dijk zich helemaal in vinden. ‘Als inkoper moet je weten wat de markt n aankan en daar vervolgens op durven vertrouwen. Als gemeente streven we naar emissievrije bevoorrading in 2020; leveranciers als Magema laten zien dat dat voor gereedschappen al haalbaar is. Bij vervoer van bijvoorbeeld rioolbuizen is dat nog een ander verhaal, maar ook daar gaan we de komende jaren emissievrije oplossingen voor vinden.’