HeatLift Dynamics

  • Inhoudstype:
    • Interview
  • Thema’s:
    • Innovatie
    • Smart Energy Systems

HeatLift Dynamics werkt aan een technologische doorbraak voor industriële warmtepompen. Het Delftse bedrijf ontwikkelde de Multiphase Pressure Exchanger (MPE): een slim component dat energieverlies in warmtepompen terugwint en hergebruikt. Het resultaat op papier: 15 tot 30 procent minder elektriciteitsverbruik voor dezelfde hoeveelheid warmte.

Dit artikel is geplaatst voorjaar 2026

Een warmtepomp werkt in de basis zoals een koelkast: met een compressor, een warmtewisselaar en een expansieventiel dat de druk van het koudemiddel verlaagt. In dat expansieventiel gaat vaak veel energie verloren. “In een warmtepomp perst de compressor het koudemiddel samen. Daardoor ontstaat hoge druk. In traditionele systemen laten we die opgebouwde druk daarna weer verdwijnen”, legt oprichter Ryan Dillmann uit. “Dat systeem is betrouwbaar, maar je gooit er wel tot zo’n 30 procent van je energie mee weg.”

De Multiphase Pressure Exchanger (MPE) zorgt ervoor dat de druk gecontroleerd wordt doorgegeven aan een ander deel van het systeem. “Wij hergebruiken die druk in plaats van hem weg te laten lopen”, zegt Dillmann. “Daardoor hoeft de compressor minder hard te werken en gebruikt de warmtepomp minder stroom.” Dat is vooral relevant voor de industrie. “De industrie is verantwoordelijk voor ongeveer 20 procent van alle CO₂-uitstoot en gebruikt een derde van alle energie. Warmtepompen worden al ingezet om te koelen, maar voor verwarmen gebruiken veel bedrijven nog steeds gas. Simpelweg omdat elektriciteit duurder is.”

Elektrificatie wordt rendabeler

Door de lage gasprijzen en hoge stroomprijzen is de businesscase voor industriële warmtepompen vaak lastig. “Het draait om: wat kost het en wat krijg je ervoor terug? Als wij het rendement met 15 tot 30 procent verbeteren, verandert dat kostenplaatje ineens. Dan wordt elektrificatie een stuk aantrekkelijker.” Juist in Rotterdam, met zijn grote haven- en industriecluster waar veel proceswarmte tot 200 graden wordt gebruikt, kan dat volgens Dillmann verschil maken: “Je verlaagt de energiekosten, vermindert CO₂-uitstoot en ontlast het elektriciteitsnet.”

De technologie is inmiddels bewezen in een testomgeving. Met de SES-subsidie zet HeatLift Dynamics de stap naar praktijktoepassing. In hun werkplaats bij YES!Delft bouwen ze een eigen testopstelling met een industriële warmtepomp waarin de technologie wordt geïntegreerd. “We weten dat het werkt, maar nu moeten we aantonen hoe het presteert in een echte installatie”, zegt Dillmann. “Hoe snel slijten de onderdelen? Hoe vaak moet je onderhoud plegen en wat zijn de kosten? Dat zijn cruciale vragen voordat klanten instappen.”

Oplossing die ertoe doet

Het doel van de studie is om de weg vrij te maken voor productie en opschaling. Dillmann: “We willen een A-merk zijn voor componenten in warmtepompen. Dat je weet: als dit component erin zit, dan heb je de meest efficiënte installatie.” Maar het gaat verder dan de technologie. “Wij willen ons steentje bijdragen aan een sector die enorm veel impact heeft op de energietransitie. En je wilt kunnen zeggen dat je hebt meegewerkt aan een oplossing die ertoe doet, ook voor de volgende generaties.”

HeatLift Dynamics ontving van SES deze subsidie in de najaarsronde 2025. Meer weten over SES? Kijk op Smart Energy Systems | Ondernemen010.

HeatLift Dynamics / HeatLift Dynamics LinkedIn

Deel deze pagina